Gemeente voorziet straatnaambordjes van tekst met uitleg

Door Harry Schipper – In Harderwijk krijgen alle straatnamen die naar personen verwijzen in de toekomst straatnaamborden voorzien van een korte ondertekst.

Ook straatnaamborden waar toelichting wel handig is, waaronder flink wat in Stadsdennen, Stadsweiden en in Drielanden, krijgen de komende jaren bij vervanging een kort toelichtend onderschrift

De nieuwe straatnaamborden met ondertekst worden pas geplaatst wanneer de oude aan vervanging toe zijn, zo laat een woordvoerder van de gemeente weten. Normaal gesproken gaat een straatnaambord minimaal twintig jaar – en vaak nog veel langer - mee, dus kan het wel even duren voordat alle desbetreffende straatnaamborden van zo’n ondertekst zijn voorzien.

In totaal gaat het om zo’n driehonderd van de in totaal achthonderd straten in Harderwijk en Hierden die voor zo’n ondertekst met een toelichting in aanmerking komen. In het Waterfront hebben straatnaamborden die naar een persoon verwijzen al een korte en zakelijke ondertekst. Vaak niet meer dan een geboortejaar, een sterfjaar en zijn of haar functie, of de echte familienaam, want veel van de gebruikte namen in het Waterfront zijn niet zelden Harderwijkse vissers. En die waren destijds bekend met hun bijnaam.

Afgelopen week werden de straten Friesegracht en de Frisialaan voorzien van straatnaamborden met een ondertekst. Beide straatnamen zijn afgeleid van de naam Jan Bavius de Vries (1717-1798) die van 1773 tot 1778 burgemeester was van Harderwijk. Jan Bavius de Vries dankte een belangrijk deel van zijn rijkdom aan de opbrengsten van een aantal koffie- en katoenplantages waarop vele tientallen – mogelijk zelfs honderden - slaven voor hem werkten.

Die wetenschap bracht de Harderwijkse wethouder Martijn Pijnenburg ertoe om contact te zoeken met het Comité koloniaal verleden Harderwijk, dat is blijven voortbestaan nadat vorig jaar de stichting 30 juni-1 juli Harderwijk, ofwel Keti Koti, zichzelf had opgeheven. Pijnenburg: “Over het verleden van die De Vries, waarnaar beide straten Friesegracht en Frisialaan, door ‘latijnisering’ zijn vernoemd, was lange tijd haast niets te vinden en dus relatief onbekend. Zo kwamen we terecht bij het comité.”

Een van de kartrekkers binnen dat comité is Gisèla Dooijeweerd. Zij vertelt dat een aantal mensen na het opheffen van Keti Koti het belangrijk vinden dat er in Harderwijk blijvend bewustwording wordt gecreëerd over het slave4rnijverleden in relatie tot deze stad. “En dan nemen we niet alleen Suriname en het Caribisch gebied, maar ook Indonesië, want ook daarmee is het koloniaal verleden van Harderwijk verbonden. Met verhalen daarover willen we zo het historisch bewustzijn vergroten”, aldus Dooijeweerd.

In samenwerking met het comité heeft de gemeente nu een toelichtend onderschrift opgesteld voor de straatbordjes van de Friesegracht en de Frisialaan. “Het is mooi dat de gemeente Harderwijk ons zo wil helpen om de bewustwording over het koloniaal verleden en het slavernijverleden te bevorderen. De erkenning dat dit is gebeurd is belangrijk. We willen ook geen eisen stellen over genoegdoening of excuses, maar we willen wél het verhaal vertellen”, aldus Dooijeweerd.

Kritiek hierover kreeg ze ook al: “Veel mensen vinden het overdreven, maar als je het niet zichtbaar maakt, kun je het verhaal dat erachter steekt, ook niet vertellen. De tekst onder zo’n bordje helpt om de historische context zichtbaar te maken”, zo pareert ze.

Straatnaambordjes