Hierden verliest rechtszaak tegen Carl Aventurin

Door Marco Jansen - Hierden heeft aan het kortste eind getrokken in de arbitragezaak die de voetbalvereniging had aangespannen tegen beoogd hoofdtrainer Carl Aventurin. 

In het op 27 juli bekendgemaakte vonnis staat dat Aventurin zonder schadevergoeding te betalen onder zijn overeenkomst met Hierden uit kan en zijn werk kan aanvangen bij Unicum

De partijen waren het weliswaar eens over de basisvoorwaarden, waaronder het salaris en de onkostenvergoedingen. Uit het vonnis blijkt echter dat er maandenlang gesteggeld is over de ontbindende voorwaarden van het contract. Hierden had twee weken na de presentatie van Aventurin op 13 januari een bepaling laten opnemen waarbij de trainer en de club met een maand opzegtermijn uit elkaar konden gaan.

Daar ging de oefenmeester niet mee akkoord. ,,Toen ik die bepaling zag, vond ik dat ik niet voldoende beschermd ben. Ik wilde meer zekerheid. De arbitragecommissie heeft zich ook zo naar Hierden geuit dat je als werknemer veel meer rechten hebt. Er is meer juridische grondslag nodig om als werkgever van een werknemer af te kunnen. Ik heb dan ook nooit getekend.”
 
Aventurin had een dergelijke clausule ook bij Sparta Nijkerk in zijn contract laten zetten, waar hij afgelopen seizoen assistent-trainer was, maar toen waren zowel zijn afkoopsom als salaris veel lager. Hij vond de oorspronkelijke schadevergoeding van Hierden ‘buitenproportioneel’ en ook met het derde voorstel ter hoogte van 12.472,50 euro ging hij niet akkoord omdat in zijn ogen niet realistisch was. ,,Het ging mij er vooral om dat verhouding evenredig moet zijn. Het stond niet in verhouding met drie maandsalarissen als Hierden met wederzijds goedvinden voortijdig afscheid van mij wilde nemen.”
 
Beide partijen gingen wel de voorbereiding richting het nieuwe seizoen in met alle besprekingen die daarbij horen. Op 18 mei wees Aventurin een nieuw contractvoorstel definitief af en vier dagen later meldde Unicum zich. Voor Remko Ahrens en Hierden is de zaak een principekwestie geworden, waardoor de club een arbitrageprocedure in gang zette, die op 7 juli diende bij de KNVB in Zeist.

Ahrens: ,,Hij heeft een zijweg ingeslagen en dat maakt mij na vijf maanden investeren in tijdsuren enorm teleurgesteld, want wij hadden een bindende arbeidsovereenkomst door een mondelinge toezegging. Daarin heeft de arbitragecommissie ons in het gelijkgesteld en dat was het primaire antwoord wat we wilden weten. Carl heeft nu gehandeld volgens de wet en een uitweg gevonden. Hij kan doordat er een wettelijke opzegtermijn is van een maand zo onder de overeenkomst uit. We hebben het nooit over ontslag gehad, wel over een opzegging door ons met wederzijds goedvinden. Als wij financieel gecompenseerd waren, dan was dat een vorm van genoegdoening geweest. We betalen nu de kosten, dat hadden we ingecalculeerd want we wilden een statement maken dat we dit niet pikten. Het is nu afgesloten en we kijken vooruit.”